Varentest
Voorheen kon alleen aan de hand van baarmoederslijm worden gemeten wanneer een eisprong kon plaatsvinden. Wetenschappers ontdekten in 1957 dat naast cervixslijm ook gewoon speeksel geschikt is om het moment te bepalen waarop de vrouw het vruchtbaarst is. De speekseltest wordt ook wel varentest genoemd. De naam is ontstaan door de structuur die het opgedroogde slijm heeft wanneer je het onder een microscoop bekijkt. De varenstructuur ontstaat drie tot vier dagen vóór jouw eisprong tot twee à drie dagen erna. Op de dag van de eisprong is de varenstructuur het duidelijkst te zien. Speekseltesten zijn zo eenvoudig dat je ze zelf thuis kunt uitvoeren.
Wat doen speekseltesten?
Een speekseltest meet de hoeveelheid natrium (zout) in jouw speeksel. De concentratie natrium is tijdens de eisprong groter dan op andere momenten. Dit natrium is te vinden in jouw vrouwelijke hormoon oestrogeen. De concentratie oestrogeen stijgt gedurende jouw hele cyclus en bereikt tijdens de eisprong haar piek. Daarna daalt het niveau weer.
Hoe werkt de speekseltest?
Je hebt, net als bij de ovulatietest, meerdere tests nodig om te weten te komen wanneer jouw eisprong is. De speekseltest bestaat uit een plastic houder met een glasplaatje waarop je jouw speeksel kunt doen, en een vergrootglaasje in de houder. Dagelijks doe je een beetje speeksel op een nieuw glasplaatje. Je laat het speeksel enkele minuten opdrogen voordat je het glasplaatje in de houder schuift. Dankzij het vergrootglas kun je de structuur van jouw speeksel bekijken. Je zit in de onvruchtbare periode wanneer het speeksel een puntachtige structuur toont. Wanneer kristalachtige streepjes of de eerste verschijnselen van een varenstructuur te zien zijn, zit je in jouw vruchtbare periode.
Wanneer doe je de speekseltest?
Op ieder moment van de dag kun je de speekseltest doen. Het is raadzaam om twee uur vóór de test niet te roken, eten of drinken, omdat deze dingen van invloed zijn op jouw speeksel en de test kunnen beïnvloeden. Houd ook in het achterhoofd dat sommige geneesmiddelen invloed kunnen hebben op de test. Om niet onnodig veel tests uit te hoeven voeren, kun je eerst inzicht krijgen in jouw menstruatiecyclus en dan een inschatting maken op welke dag je kunt beginnen. Het bijhouden van een menstruatiekalender kan daarvoor een goede leidraad zijn.